Toen Damiaan op 15 april 1889 op Molokai overleed, was hij wereldnieuws. De belangstelling die hij tijdens zijn leven reeds opwekte, nam nadien exponentieel toe. Publicaties in het Frans en in het Engels die onmiddellijk na zijn dood van de pers rolden, kenden een groot succes. De nood aan een biografie in het Nederlands deed zich ook voelen. De jezuïet René Butaye schreef een originele Damiaanbiografie: Leven van Pater Damiaan, Apostel der melaatschen van Molokai, lid van de Congregatie der Heilige Harten van Jezus en Maria (Picpus), Brugge, 1890.

In een eerste deel gingen we dieper in op de auteur, de bronnen en de illustraties. Het tweede deel focust op het doel, de inhoud en de reikwijdte.

Wikipedia – CC0 1.0 Universal

Doel

De doelstelling van de auteur wordt mooi samengevat door lezer Monique Lebeau in haar bespreking :

Het boek moet gelezen worden binnen de tijdsgeest van de auteur. Hij heeft dit boek geschreven om de gegevens bereikbaarder en leesbaarder te maken voor het gewone volk. De promotie voor het katholieke geloof komt ook vaak aan bod. Het katholieke geloof voorop zetten als ‘het ware geloof’ en de ‘concurrentie’ met de protestanten enerzijds en de hulp van de protestanten anderzijds is ook als een rode draad terug te vinden.

Analyse

Lezer Luc Boon sluit hierbij aan en komt tot de volgende diepgravende en rake analyse:

Gaat dit boek over Damiaan?
Pater Damiaan schijnt de hoofdfiguur te zijn maar dat is maar oppervlakkig zo. Er zijn twee andere, echte hoofdfiguren voor de auteur: God (en dan meer bepaald de Katholieke God) en de Katholieke Kerk. Damiaan is dan misschien een held, hij is het omdat de Goddelijke Voorzienigheid een plan met hem had. De jeugd van Damiaan wordt beschreven als een plan van God in functie van zijn latere werk op Molokai. Het slapen op een plank als kind, het overleven van een ongeval met een paard, … Het is Gods plan. Op het einde van het boek – bij de beschrijving van de vieringen na Damiaans dood – wordt dat herhaald: we mogen fier zijn op God die dit alles heeft mogelijk gemaakt. Hetzelfde voor de Katholieke Kerk. Zij is het die Damiaan het ideale kader bood voor wat hij deed. Bisschoppen, de Kerk, de Sacramenten, … Zij hebben Damiaan gemaakt tot wat hij is. Niet Damiaan zelf.
Door die twee centrale krachten – God en de Katholieke Kerk – kan Damiaan niet anders dan een ijzersterke figuur zijn. Nergens is er wanhoop, twijfel of zwakte. Dat kan ook niet met God en de Kerk als steunpilaar.

Apologie van de Katholieke Kerk
De Katholieke Kerk had het blijkbaar lastig in Hawaï. Dat blijkt ook uit echt onderzoek. In dit boek lezen we daarover niets maar de aanvallen tegen de Protestanten bewijzen dat er op het terrein werk was. Het feit ook dat de regering van Hawaï en de aanpak van de lepra (deportaties naar Molokai) volledig gesteund worden, bewijst dat men op een goed blaadje wilde staan in functie waarschijnlijk van de positie van het Katholieke missioneringswerk. Er is geen enkele kritische opmerking over de regering en haar aanpak te lezen. Integendeel zelfs. Er wordt een algemene uitleg over lepra gegeven met de nadruk op het feit dat isolatie een praktijk was die al in het Oude Testament werd aanbevolen. De regering zat dus op het juiste spoor.
Die apologie van de Katholieke Kerk blijkt al indirect uit de beschrijving van de jeugd van Damiaan – of in elk geval het kader dat wordt verondersteld. Het kader is een braaf Vlaanderen zonder armoede of wat dan ook. Enkel geluk en plezier.

Boekcover tiende herziene druk, 1925 – Copyright Bibliotheekcollectie Damiaan Paters H. Harten, Leuven

Centrale plaats van het geloof
Al het goede komt voort van God en het geloof. Er wordt buiten proportie veel aandacht besteed aan wat Damiaan als gelovige priester heeft gedaan voor het zielenheil en de zaligheid. Het materiële wordt ook vermeld maar altijd secundair en als een uitvloeisel van Damiaans geloof. Het boek is dan ook voor Vlaamse lezers een waarschuwing: enkel het geloof brengt vreugde en redding. De beelden van hel en vagevuur voor wie niet gelooft zijn legio. Ook voor Vlaamse oren bedoeld is de nadruk die wordt gelegd op gehoorzaamheid en nederigheid. Er is nergens sprake van de conflicten die Damiaan had met zijn oversten en medebroeders. Hij was enkel gehoorzaam en braaf.

Superioriteitsdenken
Overduidelijk is het denken in wij en zij. Wij, de gelovigen tegenover de ongelovigen, wij, de blanke paters en broeders tegenover de domme, luie en slaafse Kanakken die enkel goed zijn om te bidden, te werken (als ze er zin in hebben) en te danken voor alle heil dat hen wordt gebracht. Het zijn brave mensen, erg gastvrij maar toch vooral hulpeloos. Het valt op dat dit laatste nergens met woorden van Damiaan zelf wordt beschreven. Het is het standpunt van de auteur en waarschijnlijk niet uitzonderlijk voor die periode. Op een lid van de koninklijke familie na, wordt geen enkele Hawaïaan bij naam genoemd.

Informatie
Eigenlijk leren we weinig uit dit boek. Concrete feiten over het leven van Damiaan beperken zich tot wat datums (geboorte, overlijden, dag van vertrek, …). De rest wordt erg algemeen beschreven: er worden wat kerken gebouwd, een weeshuis, … Het schijnt niet zo belangrijk te zijn. Het hele boek is gericht op één enkel punt: Damiaan in zijn nederigheid en gehoorzaamheid als een product van Gods bedoelingen voor te stellen.

Conclusie
Het boek leest zeer vlot. Ondanks de gekleurde inhoud en de bombast soms, kan ik me inbeelden dat een niet kritische lezer – en zeker toen – enorm geboeid is door het verhaal. Toch heeft het boek nu nog enkel de waarde van een tijdsdocument maar is het inhoudelijk van geen enkele waarde”.

Een groot succes

Deze biografie kende in zijn tijd een groot succes. De totale oplage is niet gekend maar er volgde niet minder dan tien herdrukken. In 1925 verzorgde de drukkerij van de Paters van de H. Harten in Leuven een laatste, herziene uitgave. Aan de tekst werd hierbij niet geraakt. De update blijft beperkt tot een handvol voetnoten die de actuele situatie op Hawaï en Molokai toelicht. Tussen 1890 en 1930 verscheen er geen nieuwe volwaardige biografie van Damiaan in het Nederlands.

Dubbelpagina uit de tiende herziene druk, 1925 – Copyright Bibliotheekcollectie Damiaan Paters H. Harten, Leuven

Bibliografie

-Patrick VERLINDE en Theo LAURENT, ‘René Butaye’, In: ODIS-databank. Laatst gewijzigd: 12 mei 2020. Link: http://www.odis.be/lnk/PS_34061
-Daniël BUTAYE, ‘René Butaye’, in Nationaal Biografisch woordenboek, 17, Brussel, 2005, 164-169.
-Cor RADEMAKER, ‘Damiaan De Veuster : een keuze uit de literatuur’, in Robrecht BOUDENS (red.), Rond Damiaan. Handelingen van het colloquium n.a.v. de honderdste verjaardag van het overlijden van pater Damiaan 9–10 maart 1989, KADOC-Studies 7, Leuven, 1989, 257-290.

Patrik Jaspers

Met dank aan de enthousiaste lezers Monique Lebeau en Luc Boon

Klik hier voor een printvriendelijke versie van dit artikel: De Damiaanbiografie van René Butaye (deel 2)

Volgende biografie op de leeslijst

Na het boek van Butaye lezen we de Damiaanbiografie van Jos Witlox: Pater Damiaan De Veuster, de held van Molokai, Apostel der melaatsen, Antwerpen, 1936.

Wie wil meelezen, bezorgen we graag een exemplaar zolang onze voorraad strekt. Neem hiervoor contact op met ons via info@damiaanvandaag.be